zondag 14 februari 2016

Tweesprong

I
Vergroeid 

Je verwoont de dagen
in een gewortelde woning.
Kijkend vanuit een stoel naar de boeken -
je tastbare ziel. Jouw binnenste buiten 
is het huis dat je vormde -
uit een zwijgende rij 
van kleinere keuzes.
Talloze stappen werden tot de vorm waarin jij je voegde.
Die tafel, dat bordje en kopje, dat bed. 

Kijk naar de vrouw. Zij is daar het hart.
In al die getelde en hertelde jaren, 
waarin jij stroomde als bloed.
Door het vat waarin je vloeide, al lavend en voedend.
Als de mal die je maakte, 
tot de mal gemaakte man.
Temidden van al haar dingen smaakt nu het jouwe. 
Als het kastje dat daar in die hoek, 
tegen de muur werd gezet.

II
Die andere keuze  

De tweede keuze spreekt en zingt,
zij loopt en springt over drassige plassen.
Zij woont op vele gepasseerde stations,
langs jouw ongekozen weg.
Zij is jouw ondersteboven, 
haar wortels reiken 
tot de hemelpoort.

Zij woont in pek en veren,
zij gaat gehuld in schuld. 

Haar stem klinkt zacht, haar vorm onvast,
zij boezemt zonder angst, smelt in jouw ogen.
Zij proeft jouw mond, speelt met jouw tong, zij - 
kronkelt langs lid en lijf, begeeft je de adem 
en opent zich dan warm en wijd.

En jij laat je rijden 
in cirkels en lijnen,
je lange benen,
losjes gespreid. 

Tot aan het einde van de rit 
na de trotse verstijving,
en het schallende ik houd van jou,
je snelle stappen terug in het duister,
dwars door schelle waterkou.

Geen opmerkingen: